ARTIKEL | 25 TIPS VOOR BETERE PORTRETFOTO’S

ARTIKEL | 25 TIPS VOOR BETERE PORTRETFOTO’S

BETERE PORTRETFOTO’S

Eerder schreef ik een artikel met 10 tips voor het maken van kinderportretten. Daar kreeg ik erg leuke reacties op.
Kinderen zijn speels en je zult ze spelenderwijs moeten benaderen. Heerlijk vind ik het om met ze naar buiten te gaan en daar spelletjes te verzinnen.

En spelletjes kunnen ook grappige vragen zijn over hun ouders, opa’s en oma’s of broertjes en zusjes. Veel plezier verzekerd.
En ik geniet er net zoveel van als het gezin. Nu zijn er een paar verschillen tussen het fotograferen van volwassenen en van kinderen.

Waar kinderen speels zijn en wel in zijn voor een spelletje – al duurt het soms even – volwassenen zijn vaak verstandelijk bezig.
Er kunnen onzekerheden zijn die dan opspelen. “Ik sta nooit mooi op foto’s.” of “Dit is mijn goede kant.” of “Is dit wel de juiste kleur en kan dat jasje wel?”

Als fotograaf wil ik eerst dat mensen zich op hun gemak voelen. Dan pas zullen ze natuurlijk en niet gemaakt op de foto komen.
Ik steek heel bewust tijd in de kennismaking en probeer de persoon iets beter te leren kennen. Deze werkwijze werkt goed voor me.

Bij het portretteren van kinderen let ik voornamelijk op de interactie met de ouders. Dat vind ik belangrijker dan wat dan ook.
Foto’s moeten scherp zijn, maar ook niet altijd! Ook wil ik graag dat de compositie klopt maar emotie vind ik belangrijker.
Bij een volwassen-portret, en zeker een zakelijk portret, speelt dat ook maar de eisen aan die portretfoto zijn vaak anders.
Ik zal een directeur van een groot bedrijf anders op de foto zetten dan een coach of iemand met een ondersteunende functie.
Dat heeft te maken met uitstraling en hoe de persoon wil overkomen. Punten om op te letten zijn: ooghoogte, standpunt en oogcontact.

Een kennismakingsgesprek is daarbij essentieel. Ik probeer te achterhalen wat de gewenste uitstraling is en voor welk medium en doelgroep het is. Je hebt maar één mogelijk voor een eerste indruk en een profielfoto moet het verhaal vertellen. Wat wil je zeggen en hoe wil je overkomen zonder je eigenheid te verliezen. Wat maakt jou bijzonder? Dat probeer ik vast te leggen.
Iedereen heeft mooie eigenschappen en kan mooi op de foto komen. Uiterlijke kenmerken kun je als fotograaf benadrukken – prachtige ogen, mooie jukbenen.

Maar als de persoon minder blij is met bepaalde kenmerken kun je die ook wat verdoezelen. Het is met fotografie mogelijk iets uit te lichten of er juist minder aandacht op te vestigen zodat de geportretteerde uiteindelijk toch heel tevreden zal zijn.

En dat is je doel, een portret maken de ander tevreden over is. Toch? Een aantal aandachtspunten voor het maken van een portret die gelden voor kinderportretten gelden ook voor volwassen portretten. Zo is het altijd goed om scherp te stellen op de ogen. Ook bij volwassenen is dit het belangrijkste onderdeel. De rest mag onscherp zijn. 

Als je scherp stelt op de ogen zal bij een groot diafragma de rest van het gezicht minder scherp worden en ‘zachter’ worden.
Ook is het altijd belangrijk te letten op de achtergrond. Je wilt niet dat deze afleidt. Als je buiten een portret maakt, zorg dan dat er in de achtergrond zo min mogelijk storende elementen zijn.

En dan nu de nieuwe tips. Hieronder maar liefst 25 tips voor het maken van betere portretfoto’s. Tips om in het achterhoofd te houden tijdens het fotograferen.

Naast de kennis van je camera kunnen deze tips je helpen – en de persoon die je fotografeert – om nog mooiere foto’s te maken.
Heel veel plezier met het maken van nieuwe portretten. Ben benieuwd naar het resultaat en laat gerust weten of je iets aan deze tips hebt. Succes!

  1. Zorg dat hij/zij zich comfortabel voelt tijdens het fotograferen. Door oprecht interesse te hebben, dat kan op een zakelijk vlak zijn of privé, ontstaat er een gesprek. Zodra men zich minder bewust is van de camera zullen ze meer ontspannen zijn. Door te vragen naar hobby’s of interesses – favoriete vakantieland, lievelingsgerecht, favoriete website of tv programma – verandert de sfeer en zal dat terug te zien zijn op de foto.
  2. Vertel wat je aan het doen bent. Blijf praten tegen je model. Ze zullen zich gemakkelijker en prettiger voelen terwijl je fotografeert. Dat zie je terug op de foto. Het model heeft vaak geen idee wat jij door de zoeker ziet, dus blijf aanwijzingen geven en blijf praten.
  3. Als je iets aan de omstandigheden verandert vertel dat aan de persoon. Door uit te leggen waarom je iets verandert – beter voor de compositie, het licht is veranderd – voorkom je dat ze zich ongemakkelijk gaan voelen. Soms is het ook de manier om ze te laten denken dat je geen foto maakt en ze te fotograferen als ze er niet bedacht op zijn. “Even het licht testen.”
  4. Geef complimentjes tijdens het maken van de foto’s. Vertel wat ze goed doet, benoem de mooie eigenschappen. Probeer het wel oprecht te doen anders lijkt het zo gemaakt. Het zal het model meer ontspannen maken.
  5. Geef het onderwerp aanwijzigingen en doe het eventueel voor. Overdrijven mag. Ook een voorbeeldfoto uit een boek of tijdschrift of op je telefoon kan veel duidelijk maken.
  6. Breng het gewicht op een been. Door het gewicht op een been te brengen als het onderwerp staan zal er al snel een meer ontspannen houding ontstaan. Ook de (vrouwelijke) vormen komen beter tot zijn recht.
  7. Draai een schouder naar de camera. Met een schouder gedraaid naar de camera gedraaid ziet iedereen er beter uit. Recht van voren ziet het er al snel massief uit.
  8. Gebruik een stoel of bank. Mensen voelen zich vaak meer op hun gemak als ze kunnen zitten. Laat iemand op de rand van een stoel of tafel zitten. Dit geeft een betere houding. Doordat iemand een houding kan aannemen op de een stoel zul je zien dat de foto’s meer natuurlijk en ontspannen zullen zijn.
  9. Laat een actieve houding aannemen op bank of stoel. Laat iemand niet achterover hangen tegen de rugleuning van een bank of stoel. Voorkom dat de persoon in elkaar zit. Laat degene een actieve houding aannemen. Zo voorkom je een onderkin, een buikje en hangende schouders. Ook iets in de handen geven kan goed werken. Dan hebben die iets te doen.
  10. Slanker laten lijken. Wil je iemand slanker laten lijken op de foto laat het onderwerp zich iets wegdraaien van de fotograaf en alleen het bovenlichaam iets naar de camera draaien.
  11. Houd een kleine ruimte tussen de armen en het lichaam. Zet een hand in de zij of gebruik de broekzak om ruimte tussen lichaam en arm te creëren. Doordat de arm niet tegen het lichaam aan hangt wordt het minder een massief blok. De vormen van het lichaam komen beter tot zijn recht.
  12. Laat vrouwen richting de hoogste schouder kijken, ziet er vrouwelijk uit.
  13. Laat mannen richting de laagste schouder kijken, ziet er mannelijk uit.
  14. Let op lichaamseigenschappen. Fotografeer kalende mensen vanuit een lager standpunt. Laat indien mogelijk geen licht op het haar – eh kale hoofd – vallen.
  15. Rimpels? Als iemand veel rimpels heeft en die wil je niet accentueren fotografeer dan eens recht van voren. Ook zijlicht benadrukt de rimpels. Gebruik minder contrast in het nabewerken. Wil je juist de rimpels accentueren laat iemand dan lachen en gebruik licht van opzij en gebruik veel contrast.
  16. Grote oren? Plaats iemand met grote oren met maar een oor naar je toe. Probeer de schaduw op het oor te laten vallen.
  17. Grote neus? Laat iemand met een grote neus recht in de camera kijken. Maak de foto van een iets lager standpunt. Zo valt de neus iets minder op. Neem geen foto van de zijkant – en profil – maar laat de neus niet voorbij de wang komen.
  18. Onderkin? Heeft iemand een onderkin, laat die persoon recht in de camera kijken met de kin iets naar voren. Zo wordt de huid wat glad getrokken. Wil je een onderkin echt verbergen op een portret? Belicht van voren en laat de schaduw vallen op de (onder) kin.
  19. Rond gezicht? Laat iemand met een rond of dik gezicht iets naar links of rechts kijken zodat je driekwart van het gezicht krijgt. Zo lijkt het iets minder rond.
  20. Let op het aanwezige licht (en schaduwen). Midden op de dag heb je vaak last van harde schaduwen in het gezicht. Zet het model in de schaduw als je buiten fotografeert. Een raam op het noorden geeft mooi zacht licht als je binnen wilt fotograferen zonder flitser.
  21. Knijpende ogen? Voorkom dat je model moet knijpen met de ogen, da’s niet mooi. Zoek de schaduw op of maak de foto met de zon achter het onderwerp.
  22. Zweetdruppels? Voorkom dat het model zweetdruppels krijgt, ga naar de koelte of schaduw.
  23. Binnen een portret maken zonder flitser? Voor een portretfoto met natuurlijk licht laat je het model ongeveer 1,5 meter van het raam zitten, anders krijg je tegenlicht. Een portretfoto kun je prima maken bij een raam dat vies is. Het geeft mooi diffuus licht. Ga zelf, voor een portret met natuurlijk licht, direct naast het raam zitten.
  24. Denk aan de compositie. Zorg bij een portretfoto dat er niet teveel ruimte boven het hoofd zit. Plaats de ogen op een derde van de bovenkant. Soms is het onderwerp midden in de foto plaatsen de meest logische plaats. Zeker bij symmetrie. En less is more. Probeer het gezicht beeldvullend op de foto te krijgen. Zo wordt alle aandacht op de persoon – op de ogen – gericht en leidt de achtergrond niet af.
  25. Kies het juiste materiaal. Portretfoto’s gemaakt met bijvoorbeeld een zoomlens heeft als voordeel dat je model zich niet hoeft te verplaatsen als je de compositie iets wilt wijzigen. Dit in tegenstelling tot kinderen die niet stil kunnen blijven staan. Soms is heel dichtbij komen prachtig voor de foto maar realiseer je dat het toch wel heel eng kan zijn voor het onderwerp. Wissel het af, dan weer wat foto’s dichtbij – hoofd en schouders – en ook wat verder af, voor een totaal portret met het hele lichaam erop.

Tot zover de tips van deze maand. Belangrijkste is natuurlijk dat je plezier hebt. Als jij dat uitstraalt zal dat zeker opgepikt worden en overslaan op het model.

Leuk om te weten wat je van het artikel vindt. Als je over andere onderwerpen wilt lezen geef dat vooral aan. Dit bericht delen mag uiteraard ook. Heel graag zelfs.